Christophe van der Maat, gedeputeerde van Noord-Brabant. Landelijk gaat nog 55 % van het containervervoer van de Rotterdamse haven naar het achterland over de weg. Naar Brabant is dat nog maar 40 %. De ambitie van de Brabantse terminals is duidelijk: nog slechts 25 % van het containervervoer per vrachtauto. Dit kwam herhaaldelijk ter sprake bij het jaarcongres van de stichting MCA Brabant, donderdag 3 november in Tilburg.

“Het kan altijd beter”, motiveerde directeur van MCA Brabant, Cees van Elk de ambitie van Brabant, die uiteraard door de Stichting MCA Brabant wordt onderschreven. “De concurrentiepositie van spoor en binnenvaart moet beter in Rotterdam. Dat geldt net zo goed voor de havens in Zeeland en Antwerpen, waar we ook mee in gesprek willen over een betere afhandeling spoor en binnenvaart.”


De stichting MCA viert in 2017 het 20-jarig bestaan. De directeur stelde onomwonden dat het bestuur van de stichting de vraag heeft gesteld of het MCA nog wel moet doorgaan. Het antwoord ligt voor de hand, gezien de successen van de stichting door de jaren heen. De focus is meer verschoven van de infrastructuur naar het intermodaal vervoer zelf.
“We praten behalve met het Havenbedrijf Rotterdam en de provincie Noord-Brabant ook met toonaangevende verladers, zeereders en stuwadoors. MCA-Brabant blijft een onafhankelijke stichting met contacten met bedrijven, terminals en verladers en de overheid natuurlijk, zeker waar het gaat om knelpunten in de infrastructuur.” Cees van Elk verwijst naar de nieuwe initiatieven in de provincie, onder andere de treinverbinding direct tussen China en Brabant. “Die bewijst dat ook continentaal vervoer intermodaal kan zijn.” Initiatieven zijn altijd welkom, maar MCA Brabant zal zichzelf niet opwerpen als uitvoerder. “Wij zijn aanjagers”, aldus Cees van Elk, die een volle zaal toesprak in het volle auditorium, hoog in het Entrada gebouw in Tilburg. De directeur toonde zich vooral bijzonder tevreden dat vrijwel alle Brabantse terminals waren vertegenwoordigd bij de jaarvergadering van het MCA Brabant.

 

CongestieMaurits van Schuylenburg van het Havenbedrijf Rotterdam.
Maurits van Schuylenburg, projectenmanager Logistics Havenbedrijf Rotterdam, bevestigde het beeld dat Brabant in de modal shift vooroploopt. “73% van de lading uit Rotterdam gaat naar de driehoek Antwerpen-Amsterdam-Ruhrgebied en Brabant is na Nordrhein-Westfalen de belangrijkste bestemming in het achterland van Rotterdam.” Hij juicht de ambitie van Brabant toe om in de Rotterdam-Brabant goederenstroom nog maar 25 % over de weg te vervoeren. Zijn opmerking dat na de forse congestie van vorige jaren in de Rotterdamse haven de wachttijden voor binnenschepen nu ‘wel gaan’ maakte bij de aanwezige vertegenwoordigers van terminals wel wat emoties los. Managing director Luc Smits van CCT/MCT in Moerdijk merkte met nauwelijks verhulde verontwaardiging op: “Er is 48 uur wachttijd!”
Wil Versteijnen, directeur van de GVT-Group in Tilburg: “Er is nu genoeg overslagcapaciteit in de Rotterdamse haven. Maar als je 48 uur als normaal beschouwt, zal de Modal shift niet lukken.”
Dat laatste beaamde Maurits van Schuylenburg. “In 2016 zie je het aandeel van de binnenvaart eerder afnemen dan toenemen en het wegvervoer neemt weer toe. Dat heeft ook te maken met de lage brandstofprijzen.”
Luc Smits: “Maar ook met de wachttijden.”
Op initiatief van het Havenbedrijf Rotterdam praten zeeterminals, vervoerders en zeerederijen al vier jaar met elkaar in het project ‘Nextlogic’ om de doorvoer via de binnenvaart van containers in de Rotterdamse haven beter te stroomlijnen. Van Schuylenburg wees naar Nextlogic als de kans op een oplossing voor de problemen met de wachttijden. Hij zei te verwachten dat dit echter nog jaren zal duren. “Het is heel complex.”
Terminalmanager van Inland Terminal Veghel, Michel van Dijk neemt deel aan die gesprekken in Nextlogic. Hij gaf een wat optimistischer toekomstbeeld voor Nextlogic: “Volgend jaar worden de eerste pilots gehouden en zal ook ‘het Brein’ worden gerealiseerd.” ‘Het Brein’ is een onderdeel van Nextlogic, een volledig geautomatiseerde regisseur van de containerstromen, waarmee beoogd wordt dat aankomst en vertrek van containers op terminals beter voorspelbaar wordt, zodat efficiënter kan worden gepland en ingespeeld op de verwachte lading. “Het lastige van Nextlogic was”, vertelde Michel van Dijk bij het MCA-jaarcongres, “om alle neuzen van de deelnemende partijen in dezelfde richting te krijgen. Maar dat is nu gelukt. Ik ben erg positief.”
Van Schuylenburg bleef voorzichtig. “Het is lastig praten met zeeterminals die zwaar met elkaar concurreren - ook in verband met het vormen van de allianties op zee - en niet genegen zijn prettig met je samen te werken.”

ShortseaGerard de Groot van A2B-Online container.
A2B-online Container is een shortsea-rederij die gekozen heeft voor Moerdijk als basis. Gerard de Groot is algemeen directeur A2B-containers en vertelde bij het jaarcongres waarom A2B gekozen heeft voor CCT/Moerdijk. “Daar zitten warehouses waar je iets mee kan. Deepsea en shortsea containers komen daar met barges aan. In de warehouses worden ze gepaletiseerd, folietje er omheen en in de container naar Engeland verscheept.” Voor het vervoer naar het Verenigd Koninkrijk beschikt A2B over vijf coasters van 508 TEU, waarvan twee in eigendom. Binnenkort komt daar één bij. Vanuit Moerdijk varen ook binnenschepen naar Duitsland. Gerard de Groot vindt het een groot voordeel dat Moerdijk buiten de drukte van de Rotterdamse haven ligt. “Je bespaart flink wat landkilometers en dat maakt het vervoer via A2B aantrekkelijker.” Ook de spooraansluiting in Moerdijk is (voorlopig) toereikend voor A2B. “Er liggen drie sporen. Een grotere frequentie is nodig en over een paar jaar is uitbreiding van het spoor nodig in Moerdijk.” Een boodschap die gedeputeerde Christophe van de Maat meenam in zijn voordracht bij het jaarcongres van het MCA en eigenlijk meteen toezegde.”
A2B-online Container maakt gebruik van 1.100 high cube containers, waarvan 250 in China gemaakte, eigen containers. In 2016 doet A2B 140.000 verschepingen (210.000 TEU). “De potentie is 500.000 TEU”, aldus de algemeen directeur. “We rijden nu al vijf keer per week naar Milaan met treinen, varen één tot tweemaal per dag op Tilburg.” Hij verwacht dat de frequentie zal toenemen. “Als je bundelt, hoeft het niet over de weg.”

ChinaPieter Jelle van Dijk van Ricoh.
Cees van Elk had al melding gemaakt van de trein tussen Brabant en China. Pieter-Jelle van Dijk, operations director Ricoh Europe SCM, vertelde er meer over bij het Jaarcongres. Ricoh is bekend van de kopieermachines en het transport van die zware apparaten over de wereldbol maakt een belangrijk deel uit van de carbon footprint van het bedrijf.
Het Japanse concern Ricoh heeft zich tot doel gesteld in 2050 nog maar een achtste van de carbon footprint van 2000 te hebben. “Het is nu al 37 % minder.” Dat gaat natuurlijk vooral over de gebruikte materialen en productieprocessen. “Veel heeft te maken met de productie, maar ook met de wijze van vervoeren naar de distributiecentra in Europa. We moesten veel moeite doen om de Japanners ervan te overtuigen dat ze moesten deelnemen aan de pilot trein van China naar West-Europa, naar Bergen op Zoom. Maar het slaagde, ondanks de extreem lage temperaturen onderweg.” De vergelijking betreft ook de snelheid van het totale transport: per schip 45 dagen, per trein 20 dagen en met het vliegtuig 5 dagen. Van Dijk verwacht dat Ricoh meer per trein zal doen dan met het veel duurdere vliegtuig.”
Voor de kleinschaliger transporten binnen Nederland kiest Ricoh ook voor multimodaal. “Voor ons is multimodaal normaal. Vanuit het distributiecentrum in Bergen op Zoom gaat 90 % per barge. Een zeer betrouwbare modaliteit.” Bovendien reduceert Ricoh de kilometers door lege containers voor retourlading te gebruiken in een ‘smart round trip’. “Kilometers besparen door hergebruik is een meerwaarde.”

Provincie
Gedeputeerde Christophe van der Maat gaf een onverwachte wending aan de redenering dat bundeling van lading multimodaal vervoer bevordert. “Bundeling van lading kan ook betekenen dat alle lading via Moerdijk gaat en dus de investering in een terminal in Bergen op Zoom niet noodzakelijk is. “De euro van de Provincie die naar Bergen op Zoom gaat, kan niet meer in Veghel worden geïnvesteerd. We kijken goed waar de miljoenen van de Provincie heen gaan.”
In elk geval zal de Provincie 11 miljoen extra uittrekken voor de werkzaamheden aan het Wilhelminakanaal, nu gebleken is dat het vervangen van twee sluizen in het Wilhelminakanaal door één niet mogelijk is vanwege de gevolgen voor de stand van het grondwater in de gemeente. De meerkosten moeten worden opgebracht door de gemeente Tilburg, de Provincie Noord-Brabant en de Rijksoverheid. “Die 11 miljoen voor het Wilhelminakanaal komen er; het gaat gebeuren”, verzekerde de gedeputeerde bij het jaarcongres van het MCA. Ook zegde hij de betere ontsluiting per spoor van Moerdijk toe. Dat er meer goederen per spoor door Noord-Brabant moeten nu het Duitse gedeelte van de Betuwelijn op de schop gaat, wil de gedeputeerde faciliteren met wat genoemd wordt ‘de Robuuste Brabantroute’, met tal van relatief kleine investeringen om de spoorlijn beter te beveiligen zodat er minder hinder wordt ondervonden van de hoeveelheid goederentreinen die door de Brabantse steden rijden. Het gaat om investeringen in verband met geluidshinder, betere beveiliging van onbewaakte spoorwegovergangen. “Die diverse middelen bij elkaar maakt de Brabantroute robuuster”, aldus Christophe van der Maat.robuuste brabant kaart

Hij maakte ook melding van het plafond van het basisnet voor de hoeveelheid gevaarlijke stoffen die over de Brabantroute mogen worden vervoerd. “Als er dubbel zoveel door Eindhoven heen gaan, dan knelt het maatschappelijk draagvlak.”
De ondernemers in de zaal merkten op dat gekeken moet worden naar de risico’s. “Giftreinen zijn niet meer de giftreinen van vroeger. Een enkele chloortrein daargelaten. Het is in elk geval veel veiliger dan over de weg.”
De gedeputeerde gaf aan dat de Provincie volop studeert op nodige verbetering van de corridors naar Rotterdam en Antwerpen. Voor een modal shift naar meer vervoer over water stelt hij ‘prikkels in het systeem’ voor. “De discussie moet gaan over de leefbaarheid.
Wil Versteijnen wees op het aantal arbeidsplaatsen dat omhoog gaat. “Kijk ook naar het OV in de industriegebieden.” Waarop Luc Smits opmerkte dat ook naar de onderkant van de markt moet worden gekeken in verband met de planning van opleidingen, omdat er steeds meer arbeidskrachten nodig zijn.

Foto boven: Gedeputeerde Christophe van der Maat bij het Jaarcongres van MCA Brabant.

Kaartje 'Robuuste Brabantroute': Verkeersbureau.info

 

Over het MCA

MCA is het Multimodaal Coördinatie- en Adviescentrum Brabant. Sinds 1998 bevordert het MCA met veel succes de ontwikkeling van multimodale transporten door de provincie Noord-Brabant. Jaarlijks wordt meer dan een miljoen ton goederen multimodaal door Brabant vervoerd, gebruik makend van slimme combinaties van de weg, het spoor en het water.