AdV 1994Ad Verhoeven neemt deze maand (maart 2018) afscheid van MCA Brabant. Bijna van meet af aan is hij – voornamelijk op de achtergrond – betrokken bij het werk van de netwerkorganisatie. Hij heeft een bijna principiële voorkeur voor multimodaal vervoer.

“Multimodaal vervoer draagt bij aan de BV Brabant. Vervoer is geen doel op zich, maar waar het kan, moet vervoer via spoor en binnenvaart. Dat heeft een grote betekenis voor de provincie, als ontlasting van het wegennet en als concurrentiefactor voor gevestigde bedrijven.” Dat streven van MCA Brabant is succesvol, met als gevolg dat jaarlijks meerdere miljoenen tonnen goederen multimodaal over water van en naar Brabant worden vervoerd. Vooral de groei van het containervervoer in die twintig jaar is spectaculair te noemen.

 

 

“MCA Brabant is een middel om iets te bereiken door het grote geheel te overzien en op de langere termijn te durven denken. Denk maar aan de grond waarop we nu zitten.” Het interview met Ad Verhoeven vindt plaats op de Inland Terminal Veghel aan de Zuid-Willemsvaart. “Deze grond werd al in 1999 op aanraden van MCA Brabant gereserveerd. Je moet dan een visie hebben om je voor te bereiden voor de toekomst. Niet dat je zeker weet wat er gaat gebeuren, maar als je het niet voorbereidt, dan weet je zeker dat het niet zal gebeuren. Dat kon toen omdat er mensen met visie in het bestuur zaten, die bereid waren die visie uit te dragen. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat die visies altijd uitkomen. Er is ook veel ingezet op een containerterminal in Helmond, die er nog steeds niet is, om maar eens wat te noemen. Succes is nooit gegarandeerd, maar als je niets doet, is het wel zeker dat het niet lukt.”
In het bestuur en de Raad van Advies van MCA Brabant zaten en zitten voornamelijk mensen uit het bedrijfsleven. “Toen MCA Brabant begon in 1997 zat er al wel de nodige professionaliteit in het goederenvervoer over de weg. Multimodaal vervoer was iets nieuws. MCA Brabant is er zeker vijf jaar mee bezig geweest om kennis te vergaren en die kennis over te dragen aan alle belanghebbende ondernemers en overheden, inclusief Rijkswaterstaat en de provincie. En vervolgens moet je dat continueren door er steeds voor te zorgen dat iedereen zoveel mogelijk zo goed mogelijk op de hoogte is. Je ziet met name bij de overheden de expertise steeds wegvloeien en grote wisselingen in het bestuur. Nu ook weer na de gemeenteraadsverkiezingen. Daar moet MCA Brabant de draad meteen weer op pakken en een voorlichtingsronde houden bij de nieuwe bestuurders in alle relevante gemeenten.”

Doorbraak
Juist als er veel werk voor moet worden verzet, kan de voldoening groot zijn als een doorbraak wordt bereikt. Bijvoorbeeld voor de vaart op het Wilhelminakanaal met de schier eindeloze discussie over de opwaardering van de kanaalpanden ter hoogte van Tilburg en de slepende kwestie van de ontheffing voor klasse V-vaartuigen op het deel van het kanaal tussen Oosterhout en de Tilburgse wijk Vossenberg. Zeer onlangs vond in dat laatste dossier de doorbraak plaats, waar zo lang aan was gewerkt. Dat is zeker belangrijk voor de elektrisch voortgestuwde (klasse V) schepen van Port-Liner. De ontwikkeling van de batterijen daarvoor wordt medegefinancierd door de Europese Commissie. Bij die subsidieprocedure is Ad Verhoeven persoonlijk in zijn werk voor MCA Brabant betrokken geweest. Een activiteit waar hij ook bij betrokken blijft in zijn nieuwe baan bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, waar hij Europese (subsidie)projecten als TEN-T en CEF zal begeleiden.
“Die ontheffing voor vaarklasse V-schepen is een typisch voorbeeld van beter benutten van bestaande infrastructuur. Niet alleen kijken naar wat mag, maar naar wat kan. Soms is regelgeving gewoon achterhaald. Zeker omdat andere sectoren wel innoveren. Wat dat aangaat zie je dat de binnenvaart en het spoor conventioneel zijn ingericht terwijl het wegvervoer maar doordendert.” Hij geeft meteen een precair voorbeeld van broodnodige innovatie: “Op de rivier weet ik het niet zeker, maar op kanalen moet die bemanningseis omlaag kunnen. Ik weet dat aanpassing van die regels jaren kost, daarom moet je er niet te lang mee wachten om te beginnen met de aanpassing van de bemanningsvoorschriften. Als je nu niet begint, weet je zeker dat er over vijf jaar nog niets is veranderd. Niet pas beginnen als de tijd er rijp voor is. Ik ben voor omdenken: zoek naar de voorwaarden waaronder iets wel kan in plaats van te roepen dat het niet gaat. Tja, ik ben een rasoptimist. Mislukken hoort erbij; iets dat goed is, komt er. Kijk naar de Vossenberg in Tilburg. In 2001 stond het bestemmingsplan het niet toe om daar een terminal te vestigen. Het was een argument om daar niets toe te laten omdat anders er nooit geld zou komen voor de vergroting van de sluizen. De heroverweging kwam pas toen er een akkoord was over de sluizen. Gelukkig was de grond voor de terminal toen wel al gereserveerd.”

Màximakanaal
Over succes van MCA Brabant gesproken: de organisatie wordt vaak in één adem genoemd met het Màximakanaal. “Dat dat kanaal er kwam, was zeker ook een verdienste van MCA Brabant. Dat is een goed voorbeeld van hoe te veel gekeken werd naar een deel, terwijl de visie op het grote geheel doorslaggevend was. Bij de onderzoeken naar de haalbaarheid voor de omlegging van de Zuid-Willemsvaart rond Den Bosch werd in eerste instantie vooral gekeken naar de maatschappelijke kosten/batenanalyse vanuit de vervoersoptiek. Die was zeker niet overtuigend. Maar kijk je naar de effecten voor de interne bereikbaarheid van Den Bosch en de economische gevolgen voor Veghel dan is een begin van overtuiging binnen bereik. Toen ook de gevolgen voor de bereikbaarheid van de hele regio Zuid-Oost-Brabant in kaart werden gebracht, vielen de schellen van de ogen. En daar heeft het bestuur van MCA Brabant een heel grote rol gespeeld.”
MCA Brabant staat voor ‘kennis delen’. Het is een klankbord voor ondernemers en bestuurders en ambtenaren. Een typische netwerkorganisatie. “MCA Brabant is voorvechter van een hele hoop mooie dingen. Vooral van betere bereikbaarheid. Het heeft de positie van natuurlijke autoriteit op het gebied van multimodaal vervoer.”
De tijden veranderen, ook voor het multimodale vervoer in Brabant. In veel geledingen is het nu wel doorgedrongen hoe zinvol en belangrijk dat is. Nu houdt MCA Brabant zich bezig met meer abstracte dossiers. “Je krijgt voor harde zaken als infrastructuur makkelijker de handen op elkaar dan voor iets abstracts als de organisatiestructuur.”
Soms is er kritiek: te veel de nadruk op de binnenvaart, te weinig op het spoor. Ad Verhoeven: “De binnenvaart heeft voor op het spoor dat het meer volumes aan kan en dat Brabant goed voorzien is van kanalen. Het is juist het mooie om die twee modaliteiten te koppelen. Ze beide aanbieden.”
MCA Brabant veranderde van kennisbrenger naar een klankbord voor het sterk geprofessionaliseerde veld. “Maar je kunt niet altijd iets nieuws brengen, vaak is het juist zaak om voort te borduren op iets bestaands en de continuïteit na te streven. Dat is minder sexy, inderdaad. Multimodaal vervoer is gemeengoed geworden maar het verdient nog steeds aandacht.”
Hij verzet zich tegen de omschrijving van MCA Brabant als een consultancybedrijf. “Als je twee partijen nodig hebt om iets te realiseren, is MCA Brabant een goede onafhankelijke gesprekspartner om de partijen bij elkaar te brengen en iets moois te laten ontstaan. Als een partij nog moet worden overtuigd of het wel goed is om iets te doen, kan het zinvol zijn een consultant in te schakelen.”

adv 2

Ad Verhoeven op de Inland Terminal Veghel. “Deze grond werd al in 1999 op aanraden van MCA Brabant gereserveerd.”

Brabander
De 62-jarige 100% Brabander Ad Verhoeven werd geboren in Helvoirt en studeerde Bouwkunde bij de TU Eindhoven met als specialisatie Ruimtelijke Ordening. “Een prachtig onderwerp, waar duidelijk wordt hoe alles met elkaar samenhangt; niets staat los van al het andere. Dat zie je als je planningen maakt en hoe de gevolgen daarvan voor de omgeving spanningen opwerpen. En als je dan ziet dat anderen maar met één ding bezig zijn dan wil je graag het complete beeld laten zien. Waalwijk wil een buitendijkse terminal. Voor het vestigingsklimaat van Waalwijk is het nodig dat op grotere schaal goederen worden overgeslagen. Ik probeer dan de betrokkenen altijd een spiegel voor te houden. Je weet dat dat weerstand oproept. En dat is ook waarom MCA Brabant de horzel moet zijn, mensen scherp maken, motiveren.” Het is vervolgens aan ondernemers en overheden om te besluiten.
Toen in 1997 MCA Brabant startte, solliciteerde Ad Verhoeven naar de functie van directeur. “Ik besefte toen nog niet dat ik geen directeurstype ben. Ze kozen voor Bert Hilberts, één van de oprichters zelf. Dat bleek een gouden greep ter zijn.”
Al spoedig werkten Bert Hilberts en Ad Verhoeven samen in MCA Brabant. De Kamer van Koophandel Eindhoven detacheerde Ad twee dagen per week bij MCA Brabant. Ze bleken elkaar aan te vullen. “Bert is een generalist, ik ben meer de man van de dossierkennis. Bert kon de boodschap mooi en charismatisch verpakken naar bestuurders toe, ik was meer het directe contact naar de ondernemers.”
Bert Hilberts verklaart desgevraagd: “Ik bewaar zeer goede herinneringen aan mijn samenwerking met Ad. Sterker nog: als relatieve buitenstaande in de wereld van de logistiek heb ik me vanaf 1997 vele malen moeten verschuilen achter zijn fenomenale logistieke kennis, je kunt het vergelijken met een duo, waarbij de deskundige de grap voorbereidt en de ander – dat was dan mijn rol – hem mag inkoppen. Het knappe van Ad is, dat hij mij altijd die rol gegund heeft, terwijl we beiden wisten, dat de inhoudelijke kennis van hem afkomstig was. Een goed voorbeeld hiervan is het rapport, dat wij in opdracht van de provincie hebben gemaakt over de noodzaak van de omlegging van de Zuid-Willemsvaart rond den Bosch, en de upgrading van de sluizen 4, 5 en 6. Dat rapport heeft er uiteindelijk toe bijgedragen dat de minister overstag is gegaan, met als fraai resultaat het Maximakanaal.”
Ad Verhoeven is ruim 25 jaar actief, eerst als adviseur van een regionale ontwikkelingsmaatschappij en later bij de Kamer van Koophandel als adviseur Mobiliteit, Infrastructuur en Ruimtelijke Ordening bij de ontwikkelingen van logistiek Brabant betrokken. Door de jaren heen heeft hij dicht bij het vuur gestaan. Bijvoorbeeld in Tilburg toen eind vorige eeuw het daar beleid was dat Tilburg geen logistiek knooppunt mocht worden genoemd, maar als industriestad moest worden geafficheerd. “Pas toen het besef doordrong dat die industrie pas echt kon gaan groeien als de logistiek in orde was, werd het roer omgegooid in Tilburg.”
Wat al sinds 1997 speelde, waren de plannen voor een terminal aan het Wilhelminakanaal in Tilburg. Vanuit de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij Midden-Brabant (Indutil) was Ad Verhoeven daarbij betrokken. “Voor de ontwikkeling van bedrijfsterreinen bleek het noodzakelijk Tilburg multimodaal te ontsluiten. We hebben eerst nog gekeken naar de mogelijkheid van Huckepack vervoer (vrachtauto’s per trein) maar het beste leek het Midden-Brabant over water te ontsluiten via Waalwijk. Wil Versteijnen was bij het overleg betrokken en vond dat hij ook de openbare loswal in het Tilburgse Loven ervoor kon gebruiken.” De rest is geschiedenis.
Intussen is Ad’s opvolger John Huizing al sinds medio februari de nieuwe projectmanager bij MCA Brabant. John Huizing heeft ruime ervaring in de wereld van logistieke consultancy. Zo was hij onder andere projectleider van het onderzoek naar de haalbaarheid van een multimodale terminal bij Weert-Cranendonck, waar sinds vorig jaar de terminal De Kempen is gevestigd. John Huizing heeft zich vooral gespecialiseerd in het advieswerk op het snijvlak tussen overheid en bedrijfsleven. Precies het gebied waar Ad Verhoeven zich al die jaren heeft bewogen.

 

Over MCA Brabant

MCA Brabant is het Multimodaal Coördinatie- en Adviescentrum Brabant, een kennis- en netwerkorganisatie voor Brabant. MCA Brabant brengt bedrijfsleven, overheid en kennisinstellingen bij elkaar en adviseert over multimodaal transport. Tevens signaleert MCA Brabant trends en ontwikkelingen op het gebied van multimodaal goederenvervoer, initieert en begeleidt multimodale initiatieven van marktpartijen, en vergaart, ontwikkelt en verspreidt kennis en informatie.